Columns en Interviews  bbA-ers

Dichtbij liever ver weg


Vanaf 4 juni hebben we in Amstelveen nog maar één krant met het lokale nieuws. Het 88 jaar oude  Amstelveens Weekblad gaat samen met het Amstelveens Nieuwsblad verder onder een nieuwe naam Amstelveen Dichtbij.  Deze ontwikkeling  komt niet als een verrassing. Het Weekblad had geen bestaansrecht meer en werd alleen door de Gemeente in stand gehouden.  Van een eigen journalistieke inbreng was al jaren  geen sprake meer. De redactionele tekst kwam hoofdzakelijk van ijverige amateurverslaggevers of van de politieke partijen die  maar al te graag gratis promotie maakten voor hun standpunten. Eigenlijk was het Nieuwsblad niet anders, alleen werd dit blad uitgegeven door het Telegraafconcern (TMG). Dat betekende meer advertenties en wat meer redactieruimte, die echter voornamelijk werd gevuld met ingezonden commercieel redactienieuws en teksten die de sportclubs, vrijwilligersorganisaties en de politieke partijen instuurden. Van enige onafhankelijke journalistieke inbreng was de laatste jaren geen sprake meer.

Het Weekblad was ooit een krant van wel 32 tot 64 grote krantenpagina’s en veel journalistiek verantwoord lokaal nieuws. De redacteuren werden door vader en zoon Wilhelmus de journalistieke principes bijgebracht, met als stelregel: het nieuws ligt op straat. Dus de straat op, want bij de mensen haal je het nieuws. En op de fiets, zeker niet met de auto, want dan zag je het nieuws niet, meende Nees Wilhelmus, die daarmee kon verdoezelen dat hij kilometervergoeding voor  auto’s veel te duur vond. Het Weekblad leverde op die manier echte journalisten af die leerden goed  Nederlands te schrijven en een artikel redactioneel op te bouwen. Wie meer wilde leren ging naar de avondcursus van Parool columnist Henri Knap. Scholen voor journalistiek bestonden  nog niet.

In de jaren ‘60 en ‘70 leverde het Weekblad goede journalisten af, die ook landelijk naam maakten, zoals Hans de Bie, René Theunissen, Theo  Gerritsen, Frans Heddema, de te jong overleden Lidwien Huffener, Johan Bos , Henk Fokkink, alsmede de schrijver van deze column, dat alles onder leiding van een bekwame eindredacteur Ten Bokum.
Maar de familie Wilhelmus moest in de jaren ’70 de krant aan de Perscombinatie verkopen. Echter wanbeleid en mismanagement maakten het tot dan onaantastbare Weekblad kapot en het in de schaduw daarvan  levende Nieuwsblad kreeg de kans de rol van het Weekblad over te nemen.

Het Nieuwsblad moet een goudmijntje voor De Telegraaf zijn geweest. Ga maar na: voor de opbrengst van drie advertentie pagina’s kan een kwalitatief hoogwaardige redactiepagina worden gefinancierd. Het moet worden nagegeven: de Telegraaf is altijd in voor nieuwe ontwikkelingen en aldus werd de formule Dichtbij.nl bedacht. Een lokale online krant, waar ook lezers in konden meeschrijven. Makkelijk en vooral goedkoop. Dat leverde behalve goede ingezonden stukken  ook veel primitieve onderbuikreacties op zonder enige nuance. Zelfs anonieme reacties werden geaccepteerd. Dat alles onder het in mijn ogen misbruikte motto: vrije meningsuiting. Ingezonden stukken kosten geen geld redeneert het de TMG , dus plaatsen maar. De krant moet vol maar het mag niets kosten.
 
Ik weet dat ook de politiek zich grote zorgen maakt over de wijze waarop het Amstelveense nieuws onder het publiek wordt gebracht. En het is wel heel uitzonderlijk dat die zorg wordt geuit in het collegeprogramma voor de komende vier jaren. Diverse partijleiders  ergeren zich nl.  groen en geel  aan de amateuristische en soms gekleurde berichtgeving in Amstelveen. Bij de presentatie van het collegeprogramma zei een vooraanstaand partijleider me: “Ik begrijp niet dat de Telegraaf- groep niet investeert in zo’n plaatselijk weekblad. Ze moeten toch begrijpen dat zo’n totaal kwaliteitsloos krantje ook hun naam geen goed doet”.
 Ik vrees dat dit met Amstelveen Dichtbij alleen maar erger wordt. Men zal nauw samenwerken met het online Dichtbij.nl. En dat betekent meer z.g. meeschrijvers, want die kosten geen geld. Ik verwacht dan ook meer emotionele en primitieve reacties, minder nuances en meer ongefundeerde uitingen van onredelijke onvrede. Daar zitten we in Amstelveen niet op te wachten. Dan zeg ik: laten we Dichtbij heel ver weg houden. Amstelveen verdient  namelijk  journalistiek die voldoet aan de basisregels, zoals wij in de jaren ‘60 en ‘70 hebben geleerd. En die regels zijn niet veranderd getuige een opmerking van Merel Westrik, die naar aanleiding van haar overstap naar RTL Nieuws onlangs in een interview zei: “ Linkse of rechtse journalistiek bestaat niet. Journalistiek is het weergeven van feiten aangevuld met hoor en wederhoor. En dit moet je dan weergeven zonder dat er een politieke kleur in doorschemert”.

Ik voeg daar aan toe dat als je een bericht of een kwestie wilt aanvullen met een eigen commentaar, je dat gescheiden moet doen, in een apart commentaar of in een column, zoals vroeger de hoofdredacteur Klatter van het Weekblad deed. Overigens van hem kwam de historische zin: “We waarschuwen China nog één keer”.  Ach, het Weekblad kon zich in die tijd nog iets verbeelden.

Frits Suer