Een nieuwe column van Frits Suer  nu over de vele troosteloze bedrijventerreinen in Amstelveen.

Dromen van mooie bedrijventerreinen

Wie moet er niet met enige regelmaat naar de garage om de auto een onderhoudsbeurt te laten geven of de zomerbanden te laten vervangen door winterbanden?  Ja, en dan moet je een half uurtje wachten. Te kort om tussendoor naar huis of werk te gaan. Dus wat doe je dan? Wat lezen en koffie drinken in de wachtruimte. En bij mooi weer misschien wel een stukje wandelen. Ik tenminste wel. En dat doe je dan vrijwel altijd op een terrein waar je eigenlijk niet dood gevonden wil worden: een bedrijventerrein, want de meeste garagebedrijven zijn op zo’n bedrijventerrein gevestigd. Wat valt dan op? De onbeschrijfelijke lelijkheid van dit soort complexen. Rommelig aangelegd, ongelijke tegelpaden, troosteloze gebouwen, gegoten in het lelijkste beton dat je maar kan bedenken.  Nergens een plaats om bij regen te schuilen en altijd zo winderig dat een eventuele paraplu uit je handen waait.
En dan vraag ik me af: hoe kan dat? Iedere gemeente heeft wel een welstandscommissie, die er op toeziet dat nieuwbouw niet detoneert in een wijk. Kijkt zo’n welstandscommissie nooit naar bedrijventerreinen? Is er niet een instantie die bedrijventerreinen zodanig ontwerpt dat het er een beetje leuk uitziet? Een ontwerp waarbij de auto’s onder de gebouwen geparkeerd kunnen worden. Hoeveel ruimte zou dat niet besparen? Terwijl je bij een woonhuis een hele procedure moet doorlopen om iets te kunnen verbouwen, lijkt het er op dat bedrijven hun gang maar kunnen gaan, omdat gemeenten blij zijn als een bedrijf voor de betreffende gemeente kiest en zij daarom wel eens een oogje toeknijpen. Werkgelegenheid immers. Maar de huidige leegstand maakt het er op zo’n bedrijventerrein qua aanzien niet vrolijker op, wel desolater. 


Ik las in Het Parool van 22 november jl. dat in Diemen het voormalige kantorencomplex ‘Bergwijkpark’ in recordtempo tegen de vlakte werd gegooid en omgetoverd tot een creatieve levendige woonwijk, met groen en leuke balkonnetjes, met winkels, cafés en sportvoorzieningen. Een paar kantoorgebouwen bleven overeind en werden getransformeerd tot huisvesting voor 1000 studenten.  
En terwijl ik dat lees, droom ik ervan dat creatieve geesten het bedrijventerrein Bovenkerk omtoveren tot een leuk woonwijkje, waar een beleid van duurzaamheid volop zichtbaar wordt en de daken dakterrassen worden.  Dat diezelfde creatieve geesten de gebouwen, die moeten blijven staan,  bekleden met groen en dat mogelijke nieuwe bedrijventerreinen (ik hoop dat ze niet nodig zijn) zo  worden ontworpen dat de duurzaamheid er vanaf druipt. Dit is waar Amstelveen onderscheidend in kan zijn. In Diemen werd zo in hoog tempo 150.000 vierkante meter ongebruikte kantoorruimte getransformeerd tot een vrolijke woonwijk. Tegelijkertijd werd de kantorenleegstand daar teruggebracht tot 5%. ‘Holland Park’ heet de nieuwe wijk. Ga maar eens kijken.
Maar ik blijf met de vraag zitten: wat doet Diemen anders dan Amstelveen? En dan hebben we het nog niet eens over het voormalige KPMG-gebouw. Maar het voordeel is, dat het gebouw nu  functioneert als een geluidswal tussen de A 9 en Amstelveen zuid.   Ik denk de duurste en meest luxueuze geluidswal ter wereld. En zo laat KPMG Amstelveen toch iets na. Maar voor de accountants van KPMG, die buiten hun kantoormuren moeten letten op verkwisting en verspilling, is dit een gruwelijk symbool van hun eigen falen.