Pieter Monkelbaan is het derde burgerraadslid van bbA. Hij is lid van de raadscommissie RWN (Ruimte, Wonen en Natuur). Hij heeft met zijn collega burgerleden Henk Heuvingh en Daniëlle de Kluijver gemeen dat ook hij niet zonder verwondering naar het politieke spel in Amstelveen kijkt. Maar een gesprek met hem vliegt door zijn diverse functies, vele activiteiten en brede interesses alle kanten op omdat hij overal raakvlakken ziet. Zijn politieke gedachten lopen eigenlijk parallel met zijn ervaringen van twee decennia voorzitterschap bij Sporting Martinus. Want de leden van die voetbalvereniging vormen in zijn ogen een mooie doorsnee van de Amstelveense bevolking. “Eigenlijk is het net Patrimonium. Want de wijk Patrimonium gaat van sociale woningbouw tot de miljoenenvilla’s in de gouden hoek.” Zijn grote zorg is, dat de daar tussenliggende middengroep steeds kleiner wordt. Die middengroep is belangrijk. Zij houdt de samenleving bij elkaar, vindt-ie.

Toen je lid werd van bbA in december 2017 zei je op termijn wel iets te willen doen in het bestuur, maar zeker niet in de politiek. Nu zit je er als burger raadslid toch midden in. Wat heeft jouw gedachten doen veranderen?

“Twee dingen: ik werd aangestoken door het enthousiasme van de mensen tijdens de verkiezingscampagne. Ik kwam in contact met leuke, bevlogen mensen en ik voelde bbA steeds meer als een echte club. Er was een sfeer van: we doen het met zijn allen voor Amstelveen en we gaan er voor.

Daar kwam bij dat Ruud Kootker mij vroeg om als burgerlid mee te doen. Ik kreeg steeds meer zin om ook eens achter de schermen te kijken naar de ontwikkelingen in Amstelveen. Ik heb dan ook genoten van de coalitiegesprekken, althans toen we nog meededen”.

Wat is na een half jaar je gevoel over de politiek ?

“Mijn gevoel is vooral verbazing. Politiek is een andere tak van sport dan ondernemen en het bedrijfsleven. Kijk alleen maar naar het jargon, de protocollen en de innovatiekracht. Inmiddels wordt duidelijker hoe de hazen lopen.”

Het publiek staat argwanend tegenover de politiek. Begrijp je dat?

“Ja, onbekend maakt onbemind. Ik denk dat die argwaan vooral wordt gevoed door wat er landelijk gebeurt. Het punt is dat de mensen veelal niet de tijd hebben of nemen om zich er in te verdiepen. Daar ligt voor ons een taak”.

Hoe dan ?

“Door elke keer weer uit te leggen hoe iets in elkaar steekt. Door steeds er op te wijzen waar we als Amstelveen wel of niets over te vertellen hebben. Amstelveen wordt de komende jaren met de A9, de Amstelveenlijn en het Stadshart helemaal op zijn kop gezet, zonder dat de gemiddelde Amstelvener er veel over te vertellen heeft. Veel beslissingen worden op het landelijke of provinciale niveau genomen. Wij moeten als politiek en gemeente vooral blijven uitleggen waarom en hoe iets gebeurt. Dat hoort er bij, en laat zien dat de dingen waar je wel baas over bent je zo goed mogelijk uitvoert.”

Jouw zorg is dat de middengroep steeds kleiner wordt. Dit vind je het grootste gevaar, omdat het de polarisatie in de hand werkt. Hoe bedoel je?

“De middengroep bestaat vooral uit mensen uit de administratieve sector. Mensen met een iets meer dan gemiddeld salaris. Honderdduizenden banen houden op te bestaan, simpelweg omdat nieuwe technologieën beroepen en beroepsgroepen volledig laten verdwijnen. Call centers, service centra en administratieve functies raken overbodig. De complete middengroep op de arbeidsmarkt lijkt op zoek te moeten naar ander werk. Door het verdwijnen van die middenklasse valt een deel naar boven en de wat minder bevoorrechte mensen vallen omlaag. Zo ontstaat polarisatie. Want polarisatie is niet alleen wit tegen zwart, maar ook arm tegen rijk, jong tegen oud, de populist tegen de intellectueel en ga zo maar door.

De middengroep zorgt bij uitstek voor de verbinding tussen de bevolkingsgroepen. Die rol dreigt weg te vallen en dat werkt door in de politiek, in het verenigingsleven, in het vrijwilligerswerk, dus in de hele samenleving. Op alle vlakken hebben we er mee te maken. De zwakkeren in de maatschappij worden daar de eerste slachtoffers van. bbA moet een rol spelen in het in stand houden van de verbinding.”

Ons ex-raadslid Ruud Oord zei altijd dat bbA een partij voor alle Amstelveners moet zijn, ook voor welgestelden?

“Dat vind ik ook. Want we moeten alle groeperingen met elkaar verbinden. De kerk deed dat vroeger en de clubs namen die rol over. De scholen doen dat ook, maar dat kan beter. Men moet het belang er van inzien dat in de sport zwart met wit speelt, rijk met arm, jong met oud, godsdienst A met godsdienst B. In optima forma is dan iedereen gelijk. Zo stimuleer je de verbinding die onze samenleving nodig heeft.”

Hoe ben je in de sport terecht gekomen?

“Wij woonden op de Herengracht en vielen onder de parochie De Duif en daar lagen verbindingen met Amstelwaluwen. Dus ben ik gaan voetballen bij Amstelzwaluwen, het latere Sporting Zuid. Mijn vader voetbalde al bij St. Martinus en toen we naar Amstelveen verhuisden eind zestiger jaren ben ik daar ook gaan spelen. Ik werd actief bij de organisatie van o.a. toernooien, jubilea, seizoensluitingen en eindredacteur van het toen nog gestencilde, wekelijkse clubblad GOAL. Zo’n twintig jaar later duwde men mij richting voorzitterschap en zo werd ik in 1995 de opvolger van Cees van der Horst.”

Wat zijn de belangrijkste dingen die je voor Martinus hebt kunnen doen?

“Naast de continue verbetering van de kwaliteit van het aanbod is de fusie met Sporting Zuid een succes geworden. Martinus de club met heel veel jeugd, Sporting Zuid de club met weinig jeugd en veel en goed kader. De leden van de twee clubs waren hetzelfde type mensen. Sporting Zuid kwam voort uit de parochies St.Willibrordus en De Duif. St. Martinus was verbonden aan de Annakerk, de Augustinuskerk en de Agneskerk tegenover het Haarlemmermeerstation. We hebben over de fusie negen maanden onderhandeld. Niets mocht fout gaan, uiteindelijk werd het voorstel aangenomen met één stem tegen. Die tegenstemmer werd binnen een paar weken na de fusie wel een van onze belangrijkste vrijwilligers. Dat vind ik dan prachtig.”

Mij staat een ander wapenfeit bij nl. de uitbreiding van Overburg, waarvoor 50 bomen moesten worden gekapt. Bomenkappen is hier een doodzonde, maar de raadsleden die ik sprak waren zeer enthousiast over je optreden in de Commissie. Hoe kreeg je dat voor elkaar?

“Het was in verkiezingstijd in 2002 met Joss Tabak als wethouder. Ik moet wel zeggen dat Harrie Pijnenborg toen goed lobbywerk heeft verricht. Het is een lang verhaal, maar het komt er op neer, dat ons tweede veld kunstgras moest worden, moest worden verlegd en dat we nog drie veldjes van 16 bij 32 wilden aanleggen. Dan konden we meer jeugd nog meer training geven. Ik heb toen niet de gebruikelijke argumenten naar voren gebracht, want die kende men wel dankzij Harrie. Ik heb een sprookje voorgedragen: het Sprookje van kasteel Overburg, met jonkvrouw Lady Corona. Dat vond men leuk. Verzoek ingewilligd.”

Hoe zie je de toekomst van Amstelveen?

“Ik vraag me wel eens af: hoe houden we de wijken typisch Amstelveens en hoe behouden ze hun functie bij het verbinden van de inwoners, terwijl er zo hard aan de stam van Amstelveen wordt geschud? Hoe houden we de mensen die om ons heen wonen bij elkaar in een leefbare situatie? De druk op de bouw van woningen wordt zo groot, dat we de polders de komende decennia niet open kunnen houden, vrees ik. Ruim een eeuw geleden was de grens van Amsterdam de Stadhouderskade, daarna begon Amstelveen. Maar een aantal Amsterdammers met visie durfde het aan om toen al in de middle of nowhere het Concertgebouw en een park te plannen voor de toekomst: het Vondelpark. Kijk eens wat voor functies die nu hebben.

Ik vraag me vaak af: hoe voorkomen we dat Amstelveen te snel verpletterd wordt tussen de grootmachten? Ik zou graag iemand zien met een visie op de komende 50 jaar, die zegt: laten we alvast een soort Vondelpark ontwerpen tussen Amstelveen en Uithoorn. Alles er op gericht om deze streek ook over 50 jaar leefbaar te houden.”

Wat voor rol zie je voor je zelf hierin en voor bbA?

“Burgerbelangen moet zijn plaats in Amstelveen verstevigen, zodat de partij meer voor elkaar krijgt. We moeten overal zijn waar we wel invloed op kunnen uitoefenen. We moeten er aan werken dat de polarisatie niet verder gaat. De welgestelden koesteren en de middengroep en zwakkeren een beetje helpen. Kortom, de Haarlemmerolie van Amstelveen zijn.”