Het was in april 1974 dat de finale Europacup volleybal in de aloude Bankrashal werd gespeeld. De toewijzing was het resultaat van goed lobbywerk van Harry de Haas, manager van het toenmalige Delta Lloyd/AMVJ en de Nederlandse bondsvoorzitter Piet de Bruin bij de Europese bond. Een verbazingwekkend succes, want de 7,20 meter hoge Bankrashal voldeed bij lange na niet aan de internationale eisen. Maar het was een andere tijd. Voor de Oost-Europese ploegen was het een kans om naar het westen te gaan en daar inkopen te doen. De winnaar stond toch al vast: dat zou voor het tiende achtereenvolgende jaar de Russische legerploeg CSKA worden. Nederland had op organisatorisch gebied een goede naam: goede hotels, lekker eten, eerlijke scheidsrechters en de bussen komen altijd op tijd.
Harry de Haas had dit toernooi dan wel naar Amstelveen gehaald, maar hij had een groot probleem: hij had de beste spelers van Nederland, hij had een paar goede bestuursleden, maar hij had niet genoeg vrijwilligers om de teams te begeleiden en de hele zaalorganisatie voor hun rekening te nemen. Maar er was een goede verhouding met het veel lager spelende Martinus. Martinus leverde dan ook de nodige vrijwilligers. Een van de tegenprestaties was dat een paar spelers van CSKA een clinic zouden geven aan het eerste team van Martinus, dat toen drie klassen lager speelde dan Delta Lloyd/AMVJ.

Eerste training

Twee dagen voor het toernooi had CSKA zijn eerste training in de Bankras. Wij keken toe en zagen met enige verbazing hoe een stevige circa 1.90 meter lange man zich bij het gezelschap Russen voegde en zich onderhield met coach Yuri Chesnokov. We waren helemaal verbaasd toen hij ook nog een balletje ging meeslaan. Duidelijk een goeie volleyballer, dat kon je zo zien. Ook een joviaal type, dat zich aan ons voorstelde als Boris Boermistrov, werkzaam bij de Russische Handelslegatie aan het Museumplein. Boris vroeg honderduit en ik vertelde hem dat Chesnokov en enkele spelers van CSKA de volgende avond aan mijn club een clinic zouden geven. “Dan kom ik ook”, zei hij meteen.

Harry de Haas zag ook kansen om zijn Delta Lloyd te versterken en nodigde de Rus uit om met Delta Lloyd mee te trainen. Ook daar ging de joviale Boris enthousiast op in. De clinic van trainer Chesnokov met zijn spelers Khondra, Savin (nog steeds gezien als de beste volleyballer aller tijden) en de Joodse Rus Tchoulak (later trainer van Israël) werd een succes. De stemming werd nog beter toen ik de Russen wat geld in hun handen drukte (laten we zeggen ieder een honderdje), waarna medebestuurslid Harry Pelser de Russen uitnodigde om bij hem thuis aan de Keizer Karelweg nog een glas te drinken. De Russen gingen daar enthousiast op in. Vooral Boris. We reden met drie auto’s (twee van ons en een van Boris naar de Keizer Karelweg en wilden voor de deur van Harry parkeren. Maar Boris reed door, sloeg bij de Heemraadschapslaan de hoek om en parkeerde 250 meter verder. Ik vroeg hem, waarom hij doorreed. Boris vertelde, dat de Russen die naar het buitenland gaan wordt geadviseerd nooit te parkeren voor het huis waar je op visite bent. “En dat geldt helemaal voor ons van de ambassade”, voegde hij er nog aan toe. Ik herinner me dat Chesnokov en Khondra instemmend knikten.

Relatie met KGB

Niet onlogisch, want in volleybalkringen was bekend dat Khondra een relatie onderhield met de KGB en Chesnokov de officiële functie van legerkolonel had. Boris bleef het hele toernooi bij ons tot en met het slotdiner toe. Harry de Haas vroeg hem bij Delta Lloyd te komen meetrainen. Boris trainde inderdaad een paar keer mee. Harry was al bezig een bondskaart voor hem aan te vragen totdat na twee weken Boris niet kwam opdagen. Zijn telefoon thuis werd ook niet opgenomen. Wel lazen we een paar dagen later in de kranten dat de Nederlandse regering een Russische diplomaat tot ongewenst persoon had verklaard wegens spionage. Ene Boris B. Weg versterking voor Delta Lloyd/AMVJ.

En zo was in 1974 al Amstelveen een plaats waar Russische spionnen actief waren. Wat er te spioneren viel, hebben we nooit geweten. Misschien de uniek verende vloer van de Bankrashal? Wel weten we dat er nu in Amstelveen ca. 600 Russen wonen. Twintig jaar geleden heb ik eens bij een flat aan de Populierenlaan uren moeten wachten op een Amerikaanse spelersmakelaar. Ik raakte aan de praat met de conciërge van de flat. Hij kluste wat in zijn garage en wees me af en toe op voorbijgangers, die verderop een flat ingingen. Inderdaad, soms met wel heel opvallende en uitdagende dames. “Allemaal Russen”, zei hij. Ze komen en gaan op de meest gekke momenten. Hij wist zeker dat er iets niet klopte, zei hij. Ik heb dat maar zo gelaten.

Frits Suer
PS. Ik heb Yuri Chesnokov later nog vele malen ontmoet. Een paar jaar na de omwenteling in Oost Europa en de val van het communisme in Rusland vertelde hij dat zijn kolonelspensioen na de devaluatie van de roebel nog maar 175 Euro per maand was. De Internationale Volleybalbond heeft hem geholpen door hem een technische functie te geven.