Burgerbelangen Amstelveen heeft de afgelopen week zien gebeuren wat het al eerder vreesde, namelijk dat de ambtelijke samenwerking tussen Amstelveen en Aalsmeer op een dieptepunt is beland. Gebrek aan onderling vertrouwen en verschil van inzicht over de financiële bijdrage van Aalsmeer leidden er toe dat er nu officieel sprake is van een conflict. Een conflict waarover (conform art 20 van de centrumregeling geheten overeenkomst) externe onafhankelijke deskundigen zich nu moeten buigen om met een niet bindend advies te komen.

Fractievoorzitter Ruud Kootker is daar helder over: “Wat bbA betreft had het niet zo ver hoeven komen. Eerder hadden wij al onze twijfels of Amstelveen en Aalsmeer er samen uit zouden komen en bepleitten wij een onafhankelijke zakelijke overheidsmediator om de impasse te doorbreken, om naar alle individuele en gemeenschappelijke belangen te kijken en om partijen tot elkaar te brengen. Helaas werd aan die oproep toen geen gehoor gegeven”.

“De VVD roept nu dat Amstelveen al eerder de stekker er uit had moeten trekken en de fractievoorzitter van D66 spreekt op persoonlijke titel van een mini Brexit, scheiding en Aalsminder”, aldus Kootker. In de ogen van de fractievoorzitter is dat olie op het vuur gooien en zijn dat geen constructieve bijdragen aan welke oplossing dan ook.
Hij stelt dat een scheiding absoluut niet in het belang is van de burgers en bedrijven in Amstelveen en Aalsmeer. Niet alleen leidt dat tot een verslechterde dienstverlening, maar bovendien zou een scheiding vele, vele miljoenen gaan kosten die de burgers wel zelf moeten gaan betalen.

bbA ziet liever geen deskundigenrapport met een niet bindend advies, maar pleit juist opnieuw voor professionele bemiddeling om de vastgelopen verhoudingen los te trekken, elkaars respect weer te vinden en voor het aangaan van gesprekken om een nieuwe, verbeterde en bindende centrumregeling te bouwen met voor beide partijen eerlijke en meetbare inspanningen en bijdragen.

Amstelveense en Aalsmeerse burgers verdienen dat hun belangen optimaal worden bediend en dat is niet “door elkaar de tent uit te vechten”, aldus Kootker.